Het is altijd verstandig om de voordelen van een medicijn goed af te wegen tegen de nadelen. Praat erover met de mensen uit je omgeving en je arts: wat zijn in jouw geval de voor- en nadelen van stoppen of doorgaan met het gebruiken van een stemmingsstabilisator? Die vraag komt vaak aan de orde als de klachten van een depressie of manie alweer enige tijd zijn verdwenen: is een onderhoudsbehandeling (= langdurig gebruiken) wel nodig?

De volgende zaken spelen een rol:

Ben je helemaal van je klachten af?
Hoe vaak heb je een depressie of manie gehad?
Hoe lang is de laatste depressie of manie geleden?
Hoe ernstig waren die depressies en manieën?
Hoeveel last hebben jij en de mensen uit je omgeving hiervan gehad?
Komen bipolaire stoornissen in je familie voor?


Als je gestopt bent kan er toch weer een depressie of manie ontstaan (zie voor informatie ook
Langdurige behandeling). Er is er een grotere kans op blijvende problemen met aandacht, concentratie en geheugen na het doormaken van meerdere depressies en/of manieën.

Bijwerkingen kunnen ook een reden zijn om te stoppen met een stemmingsstabilisator. Meestal worden bijwerkingen na verloop van tijd minder of ze verdwijnen helemaal. Soms zijn bijwerkingen erg hinderlijk en blijven ze bestaan. Het verlagen van de dosering kan dan helpen. Samen met je arts moet je bekijken wat het beste is in jouw geval.

Tijdens de onderhoudsbehandeling en dus zeker ook als je denkt aan stoppen is een goede voorbereiding van groot belang.

Vragen om over na te denken:

Is mijn signaleringsplan goed bijgewerkt?
Kunnen mensen uit mijn omgeving mij helpen om de eerste klachten te herkennen?
Wat helpt me om stabiel te blijven na het stoppen met de medicijnen?
Wat zijn de risico’s die zorgen dat de klachten kunnen terugkeren?
Wat kan ik doen om die klachten te herkennen en snel aan te pakken?
Als ik gestopt ben en ik krijg te veel klachten, wil ik dan mijn oude medicijn weer gaan gebruiken? Of zijn er ook andere mogelijkheden?


Zorg dat je over bovenstaande vragen van te voren tevoren heb nagedacht en samen met je arts een plan hebt gemaakt. Stoppen met een stemmingsstabilisator moet je altijd in nauw overleg met je arts doen. Je hebt goede begeleiding nodig. De dosering moet in kleine stapjes omlaag. Zo heb je minder kans op een nieuwe depressie of manie.